Vertaling van à

Frans
Nederlands
afin de, pour, à {vz.}
voor 
ten behoeve van
sur, à, contre {vz.}
aan 
op 
près de, à {vz.}
aan 
bij 
dichtbij 
naast 
nabij
avec, à {vz.}
met 
samen met 
au milie de, dans, en, parmi, à {vz.}
in 
binnen 
per
te 
op 
par, à raison de, à {vz.}
à
bij 
elk
ieder
telkens
en, vers, à, envers, pour {vz.}
aan 
bij 
naar 
tegen 
tot 
voor 
op 
avoir {ww.}
oud zijn
avoir {ww.}
hebben 
erop nahouden

an class="vperson">il/elle an>a

hij/zij/het heeft
» meer vervoegingen van hebben

avoir, porter {ww.}
dragen 
aanhebben
ophebben
voorhebben

an class="vperson">il/elle an>a

hij/zij/het draagt
» meer vervoegingen van dragen

Gerelateerd aan à

afin de - pour - sur - contre - près de - avec - au milie de - dans - en - parmi - par - à raison de - vers - envers - avoir