Vertaling van arriveren

Nederlands
Duits
aankomen, arriveren {ww.}
ankommen
zukommen
eintreffen
gelangen
herzukommen

wij arriveren
jullie arriveren
zij arriveren

wir kommen an
ihr kommt an
sie kommen an
» meer vervoegingen van ankommen

Gerelateerd aan arriveren

aankomen