Vertaling van plan

Nederlands
Duits
blauwdruk [m], concept [o], ontwerp, plan [o], project {zn.}
Plan [v] (die ~)
Projekt [o] (das ~)
Entwurf [m] (der ~)
Het plan zal werken.
Der Plan wird funktionieren.
We hebben een plan nodig.
Wir brauchen einen Plan.
doel [o], bedoeling [v], strekking [v], plan [o], toeleg [m], voornemen [o], zin [m] {zn.}
Plan [v] (die ~)
Absicht [v] (die ~)
Dat was niet mijn bedoeling.
Das war nicht meine Absicht.
Het nieuwe plan werkte prima.
Der neue Plan funktionierte gut.
ontwerp, opzet, plan [o], plattegrond {zn.}
Plan [v] (die ~)
Riß [m] (der ~)
Entwurf [m] (der ~)
Abriß [m] (der ~)
Grundriß [m] (der ~)
Hij voerde het plan uit.
Er führte den Plan aus.
Hij besloot zijn plan geheim te houden.
Er fasste den Entschluss, seinen Plan geheim zu halten.
hoogte, niveau, peil, plan [o] {zn.}
Niveau [o] (das ~)
Ik verlaag me niet tot zijn niveau.
Ich werde mich nicht auf sein Niveau herablassen.
Ik wil graag in China studeren om het niveau van mijn Chinees te verbeteren.
Ich möchte in China studieren, um mein Chinesisch auf ein höheres Niveau zu bringen.
ontwerp, plan, schets, patroon, vormgeving, opzet, projekt
Entwurf
Projektentwurf
beramen, ontwerpen, plannen {ww.}
planen
entwerfen
projektieren

ik plan

ich plane
» meer vervoegingen van planen

Gerelateerd aan plan

blauwdruk - concept - ontwerp - project - doel - bedoeling - strekking - toeleg - voornemen - zin - opzet - plattegrond - hoogte - niveau - peil