Betekenis van:
blussen
blussen
Werkwoord
- het doven van een brand
Werkwoord
Voorbeeldzinnen
- afval van het branden en blussen van kalk
- .3 Er moeten teams worden georganiseerd die verantwoordelijk zijn voor het blussen van branden.
- Bijdragen aan het blussen van grote bos- en vegetatiebranden door middel van brandbestrijding vanuit de lucht.
- Bijdragen aan het blussen van grote bos- en vegetatiebranden door middel van brandbestrijding vanuit de lucht.
- De installatie moet schuim kunnen maken dat geschikt is voor het blussen van oliebranden.
- .4 een vaste inrichting om een brand in het kanaal te kunnen blussen; en
- .4 een vast aangebrachte inrichting om een brand in de koker te blussen.
- .3 een vaste inrichting om een brand in het kanaal te kunnen blussen;
- Bijdragen tot het blussen van grote bos- en vegetatiebranden met brandweerwagens.
- Bijdragen tot het blussen van grote bos- en vegetatiebranden met apparatuur op de grond.
- tot de volgende bestemming zo nodig efficiënt een brand te blussen in enig deel van het schip;
- De straalpijp moet in staat zijn per minuut 1,5 m3 doeltreffend schuim, geschikt voor het blussen van een oliebrand, te maken.
- De straalpijp moet in staat zijn per minuut 1,5 m3 doeltreffend schuim, geschikt voor het blussen van een oliebrand, te maken.
- De datum en het tijdstip waarop de eerste interventie heeft plaatsgevonden, betreffen het moment waarop het eerste blusteam het vuurfront bereikt, d.w.z. het moment waarop het blussen begint.
- .1.1 De brandblustoestellen moeten geschikt zijn voor het blussen van branden die mogelijk zijn in de onmiddellijke omgeving van de plaats waar zij zijn geplaatst.