Betekenis van:
caravan

caravan (de ~ | meervoud caravans)
Zelfstandig naamwoord
  • aanhangwagen van een personenauto waarin men kan overnachten
"zij staan de hele zomer met de caravan in Spakenburg"

Hyperoniemen

caravan
Zelfstandig naamwoord
  • kampeerwagen, woonwagen, aanhangwagen die kan dienen als woonst
"Door de windhoos raakten tien caravans te water."

Voorbeeldzinnen

  1. „voertuig”: ieder motorvoertuig, aanhanger of caravan als gedefinieerd in de bepalingen met betrekking tot het Schengeninformatiesysteem (SIS).
  2. Toelichting: een bouwkeet is een soort caravan voor een werkploeg met een ruimte voor de werkploeg en een niet-goedgekeurde tank/container met dieselbrandstof voor bosbouwtrekkers.
  3. Opmerkingen: Een bouwkeet is een soort caravan voor een werkploeg met een ruimte voor de werkploeg en een niet-goedgekeurde tank/container voor dieselbrandstof die bestemd is voor bosbouwtrekkers.