Betekenis van:
kolom
kolom (de ~ | meervoud kolommen)
Zelfstandig naamwoord
- rij getallen of woorden onder elkaar
"een kolom cijfers/getallen/woorden"
Hyperoniemen
kolom
Zelfstandig naamwoord
- een vrijstaand steunpunt van hout, steen, beton of metaal, vergelijk zuil
"De kolommen stonden vlak voor de gevel van het gebouw."
kolom
Zelfstandig naamwoord
- elk van de naast elkaar staande vakken van een in de lengte verdeelde bladzijde
"De bladzijde was in twee kolommen verdeeld."
kolom
Zelfstandig naamwoord
- een reeks van verticaal onder elkaar geplaatste getallen
"In een spreadsheet is het gemakkelijk de getallen in een kolom op te tellen."
Voorbeeldzinnen
- Kolom
- Kolom A
- Kolom IV
- Kolom I
- (kolom 1c)
- Kolom D
- Kolom 1
- Kolom 1:
- Kolom C
- kolom (4.1.1):
- HPLC-kolom:
- Kolom II
- Kolom 6
- (kolom 1a)
- KOLOM 1