Betekenis van:
het hof maken

Werkwoord

het hof maken
het hof maken
het hof maken
het hof maken

Voorbeeldzinnen

  1. Om de pleitzittingen zo nuttig mogelijk te maken heeft het Hof besloten, een aantal wijzigingen aan te brengen aan de organisatie en het verloop daarvan.
  2. De Commissie heeft de belanghebbenden uitgenodigd hun opmerkingen te maken over de passende overgangsmaatregelen waarin de Commissie, volgens het arrest van het Hof, had moeten voorzien.
  3. Het begrip steun is door het Hof zodanig geïnterpreteerd dat het geen betrekking heeft op maatregelen die onderscheid maken tussen ondernemingen op het gebied van de lasten wanneer dit onderscheid voortvloeit uit de aard of opzet van het betreffende lastenstelsel.
  4. Indien een beroepsprocedure op grond van artikel 33 bestaat, wacht de appellant het besluit van de ECB op het beroep af alvorens de zaak aanhangig te maken bij het Hof van Justitie.
  5. Bij gebreke van overeenstemming over de uitlegging van het arrest van het Hof, oordeelde de Commissie op 21 maart 2007 dat zij de formele onderzoekprocedure diende uit te breiden om haar eigen uitlegging van het arrest uiteen te zetten en om de elementen bekend te maken waarop zij zich meende te moeten baseren om de door het Hof gevraagde nieuwe overgangsperiode vast te stellen.
  6. Een passend beroepsmechanisme moet het mogelijk maken besluiten van de uitvoerend directeur aan te vechten bij een gespecialiseerde kamer van beroep, tegen welke beslissingen dan weer beroep openstaat bij het Hof van Justitie.
  7. Het Hof van Justitie heeft ook benadrukt dat „het Verdrag een onderneming immers niet verbiedt gebruik te maken van de vrijheid van dienstverrichting wanneer zij in de lidstaat waarin zij is gevestigd, geen diensten aanbiedt” [17].
  8. In de jurisprudentie heeft het Hof van Justitie namelijk steeds geoordeeld dat de omstandigheid dat de Commissie aanvankelijk had besloten geen bezwaar te maken tegen de betrokken steun, niet [kan] worden aangemerkt als omstandigheid waardoor bij de ontvangende onderneming een gewettigd vertrouwen kon worden gewekt, aangezien dit besluit binnen de beroepstermijn is aangevochten en vervolgens door het Hof nietig is verklaard [61].
  9. Volgens rechtspraak van het Hof van Justitie zijn de voordelen die worden toegekend aan ondernemingen die exportactiviteiten verrichten en die bepaalde met deze activiteiten verband houdende kosten maken, selectief van aard [4].
  10. Het Hof stelt ook vast dat wanneer de beoordeling van de verenigbaarheid volgens de nieuwe regels wordt uitgevoerd, de Commissie belanghebbenden in de gelegenheid moet stellen opmerkingen te maken over de verenigbaarheid van de steun met deze regels.
  11. Volgens vaste rechtspraak van het Hof van Justitie is de Commissie bevoegd, wanneer haar een met de gemeenschappelijke markt onverenigbare steunmaatregel blijkt, te beslissen dat de betrokken staat die maatregel moet intrekken of wijzigen. Nog steeds volgens vaste rechtspraak van het Hof wordt met de op de Staat rustende verplichting om een door de Commissie als onverenigbaar met de gemeenschappelijke markt aangemerkte steun ongedaan te maken, beoogd de vroegere toestand te herstellen.
  12. Wat het bestaan van staatsmiddelen betreft, heeft het Hof van Justitie erkend dat de financiële middelen van een maatregel niet per se permanent deel hoeven uit te maken van het vermogen van de openbare sector; het feit dat zij constant onder staatscontrole, en daarmee ter beschikking van de bevoegde nationale autoriteiten staan, volstaat namelijk om ze als staatsmiddelen aan te merken [30].
  13. In de zaak-Unicredito [128] heeft het Hof een dergelijke hypothetische benadering afgewezen en verklaard dat het herstel van de vroegere toestand „geen andere reconstructie van het verleden aan de hand van hypothetische elementen [impliceert] als de — vaak meerdere — keuzen die de betrokken marktdeelnemers hadden kunnen maken”.
  14. Er zij verder op gewezen dat een andere interpretatie zou betekenen dat een door de bedrijfstak van de Unie aangespannen succesvolle zaak geen praktisch effect zou hebben voor deze partij als aanvaard wordt dat het verstrijken van de termijn om het oorspronkelijke onderzoek af te sluiten de tenuitvoerlegging van een arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie niet mogelijk zou maken.
  15. Ten tweede dient de Commissie ook te erkennen dat haar persbericht van 16 juli 2003 bij de vier coördinatiecentra waarvan de erkenning op grond van de opschortingsbeschikking van 26 juni 2003 voor onbepaalde duur werd verlengd, het gewettigde vertrouwen heeft kunnen wekken dat zij van de onverenigbare regeling gebruik konden blijven maken tot de datum van het arrest van het Hof ten gronde.