Betekenis van:
bijziend

bijziend
Bijvoeglijk naamwoord
  • alleen van dichtbij scherp kunnen zien
"Mijn bijziende oma moest de krant altijd op 10 centimeter houden om de tekst te kunnen lezen."
bijziend
Bijvoeglijk naamwoord
  • kippig; bijziend

Synoniemen

Hyperoniemen