Betekenis van:
dan
dan
Bijwoord
- een tijdstip in de toekomst
"Het is morgen de twaalfde. Hij zei dat hij dan zou komen."
Voorbeeldzinnen
- Dan
- Tot vanavond dan. Doei!
- Zij zien Dan.
- Wat wilt ge dan?
- Ga je dan niet?
- Eerst zien, dan geloven.
- Hier zijn we dan.
- Ik zie Dan.
- Eerst Frankrijk, dan Irak.
- Beter laat dan nooit.
- Hij is rijker dan wie dan ook in deze stad.
- Hommels zijn groter dan bijen.
- Je bent slimmer dan dat.
- Japan is kleiner dan Canada.
- Iets is beter dan niets.