Betekenis van:
bijl

bijl (de ~ | meervoud bijlen)
Zelfstandig naamwoord
  • hakwerktuig
"de bijl aan de wortel leggen"
"met de botte bijl (hakken)"

Hyperoniemen

Hyponiemen

bijl
Zelfstandig naamwoord
  • een hakwerktuig met een smalle snee en een lange steel die vooral voor het kappen van bomen gebruikt en gewoonlijk met twee handen gehanteerd wordt
"We gebruiken altijd een bijl bij het doorhakken van de blokken hout."

Voorbeeldzinnen

  1. Tot nu toe heb ik nog nooit een bijl gebruikt.
  2. Indien de maximale goedgekeurde configuratie meer dan 200 bedraagt, dient een extra bijl of breekijzer te worden meegevoerd en in of in de omgeving van de achterste boordkeuken te worden geplaatst.
  3. De exploitant mag geen gebruikmaken van een vliegtuig met een maximale gecertificeerde startmassa van meer dan 5700 kg of een maximaal toelaatbare passagiersconfiguratie van meer dan negen stoelen, tenzij het is voorzien van ten minste één bijl of breekijzer, in de stuurhut geplaatst.
  4. De exploitant mag geen gebruik maken van een vliegtuig met een maximum gecertificeerde startmassa van meer dan 5700 kg of een maximaal toelaatbare passagiersconfiguratie van meer dan negen stoelen, tenzij het is voorzien van ten minste één bijl of breekijzer, in de stuurhut geplaatst.
  5. De exploitant mag geen gebruik maken van een vliegtuig met een maximale gecertificeerde startmassa van meer dan 5700 kg of een maximale goedgekeurde configuratie voor meer dan negen passagierszitplaatsen, tenzij het is voorzien van ten minste één bijl of breekijzer, in de cockpit geplaatst.