Betekenis van:
bilateraal

bilateraal
Bijvoeglijk naamwoord
  • aan twee kanten, in twee richtingen (buitenkanten)
"Bilateraal gehoorverlies."
bilateraal
Bijvoeglijk naamwoord
  • bilateraal; tweezijdig
"bilaterale afspraken/onderhandelingen"
"bilaterale betrekkingen/verhoudingen"

Synoniemen

bilateraal
Bijvoeglijk naamwoord
  • tweezijdig

Voorbeeldzinnen

  1. Bilateraal verkeer
  2. bilateraal: betrokkenheid van partners uit twee lidstaten;
  3. Verwijzingen naar een bilateraal overeengekomen transactie
  4. de geraamde vertrektijd of de geraamde gegevens, zoals bilateraal overeengekomen,
  5. Deze samenwerking kan plaatsvinden op alle niveaus, bilateraal of multilateraal.
  6. De lidstaten kunnen nieuwe soorten berichten definiëren voor bilateraal gebruik.
  7. Alle geplande uitvalperioden zullen bilateraal worden overeengekomen tussen de twee betreffende eenheden.
  8. zij formaliseren bilateraal overeengekomen transacties die elk aan een van de volgende criteria voldoen:
  9. de politieke dialoog met de ontwikkelingslanden, zowel bilateraal als in relevante internationale organisaties en interparlementaire fora,
  10. Bij deze berekeningen worden bilateraal overeengekomen transacties in de zin van artikel 19 buiten beschouwing gelaten.
  11. De gegevens betreffende de wijziging van de frequentie omvatten ook de volgende informatie, voorzover bilateraal overeengekomen:
  12. in voorkomend geval, een indicatie dat het om een bilateraal overeengekomen handelstransactie gaat;
  13. De maximale verwerkingstijd alvorens een waarschuwing wordt gegenereerd, wordt bilateraal overeengekomen.
  14. flexibele gashandel in hubs of bilateraal (ongeacht of het termijnhandel of ad-hochandel betreft);
  15. Nadere informatie en ervaringen dienen bilateraal te worden uitgewisseld, in overeenstemming met het nationaal recht.