Betekenis van:
bioloog

bioloog
Zelfstandig naamwoord
  • een wetenschapper die de biologie beoefent
"De vijf biologen werken nog door aan hun onderzoek naar de werking van het enzym."
bioloog (de ~ | meervoud biologen)
Zelfstandig naamwoord
  • beoefenaar van de biologie

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen


Voorbeeldzinnen

  1. Hij is bioloog.