Betekenis van:
confiseur

confiseur
Zelfstandig naamwoord
  • bakker die hoofdzakelijk taarten en klein gebak levert

Synoniemen

Hyperoniemen


Voorbeeldzinnen

  1. banketbakker/chocolatier/suikerbakker/ijsbereider („pâtissier-chocolatier-confiseur-glacier”);