Betekenis van:
dagtaak
dagtaak (de ~)
Zelfstandig naamwoord
- werk te doen op één dag
"ergens een dagtaak aan hebben"
"met de dagtaak beginnen"
Hyperoniemen
Voorbeeldzinnen
- Kan aangepast werk als een volledige dagtaak worden verricht?
- Kan de verzekerde in zijn/haar laatste werkzaamheid als een volledige dagtaak vervullen? …