Betekenis van:
eelt

eelt (het ~)
Zelfstandig naamwoord
  • plaatselijke hoornachtige verdikking van de opperhuid
"eelt op de oren krijgen"
"eelt aan zijn gat zitten"

Hyperoniemen

Hyponiemen

eelt
Zelfstandig naamwoord
  • verdikking van de huid
"Van al dat zware werk had hij flink wat eelt op zijn handen gekregen."