Betekenis van:
gejuich

gejuich (het ~)
Zelfstandig naamwoord
  • luid enthousiast geroep
"een gejuich gaat op"
"een luid/enorm/oorverdovend/enthousiast gejuich"

Synoniemen

Hyperoniemen

gejuich
Zelfstandig naamwoord
  • het aanhoudend juichen
"Het gejuich van de supporters was werkelijk overweldigend."