Betekenis van:
kerstdag
kerstdag
Zelfstandig naamwoord
- één van de kerstfeestdagen.
"Het is vandaag tweede kerstdag!"
kerstdag
Zelfstandig naamwoord
- 25 december, de dag waarop de christenen Christus' geboorte feestelijk herdenken.
"Wij vinden kerstdag een belangrijke herdenkingsdag."
kerstdag (de ~ | meervoud kerstdagen)
Zelfstandig naamwoord
- 25 december als christelijke feestdag
Hyperoniemen
Voorbeeldzinnen
- eerste kerstdag (25 december).
- is open op alle dagen, behalve op zaterdag, zondag, nieuwjaarsdag, Goede Vrijdag en Paasmaandag (conform de kalender die geldt voor de plaats waar de ECB gevestigd is), 1 mei, eerste en tweede kerstdag.
- TARGET als geheel is gesloten op zaterdag, zondag, nieuwjaarsdag, Goede Vrijdag en paasmaandag (conform de voor de zetel van de ECB toepasselijke kalender), 1 mei (Dag van de Arbeid), eerste kerstdag en 26 december.