Betekenis van:
naasten

naasten
Werkwoord
  • veelal zonder compensatie in staatshanden overnemen
"De regering van het land had alle oliebronnen genaast."
naaste (de ~ | meervoud naasten)
Zelfstandig naamwoord
  • elk ander mens; evenmens
"gij zult uw naaste liefhebben als uzelf"

Synoniemen

Hyperoniemen

Werkwoord


Voorbeeldzinnen

  1. De Bijbel draagt ons op om onze naasten én onze vijanden lief te hebben; waarschijnlijk omdat dat in het algemeen dezelfde personen zijn.
  2. Indien in het gezin of bij de naasten van een functionaris een besmettelijke ziekte uitbreekt, moet deze onmiddellijk het hoofd administratie en personeel hiervan op de hoogte stellen en zich aan de gezondheidsmaatregelen onderwerpen die deze laatste hem kan voorschrijven.