Betekenis van:
of

of
Voegwoord
  • '''Nevenschikkend''': gebruikt om keuze aan te geven
"Hij loopt (of) over straat, of hij zit in de kroeg."
of
Voegwoord
  • '''Onderschikkend''': inleiding van een bijzin om onzekerheid aan te geven
"Ik weet niet of Jan wel komt."
of
Voegwoord
  • ongeveer
"Een keer of drie."
of
Voegwoord
  • oftewel [verklarend]

Voorbeeldzinnen

  1. Jij of ik?
  2. Koffie of thee?
  3. Ja of neen?
  4. Raamplaats of gangplaats?
  5. Kom je of niet?
  6. Nu of nooit!
  7. Sinaasappelsap of champagne?
  8. Waar of niet waar?
  9. Halt, of ik schiet.
  10. Weet je of Grace thuis is of niet?
  11. Ge moet Engels leren, of ge wilt of niet.
  12. Het was niet duidelijk of ze gedaan hadden of niet.
  13. Jij moet weten of je het koopt of niet.
  14. De vraag is of hij het kan doen of niet.
  15. Ik wil dokter worden, of verpleger, of leraar.