Betekenis van:
roekeloos
roekeloos
Bijvoeglijk naamwoord
- heel onbezonnen; niet verantwoordelijk
"roekeloos rijgedrag"
"roekeloos rijden"
Synoniemen
Hyperoniemen
roekeloos
Bijvoeglijk naamwoord
- zonder zorg over de gevolgen of het gevaar van een handeling
"Wees toch niet zo roekeloos!"
Voorbeeldzinnen
- Noch roekeloos, noch vreesachtig
- Dit is niet van toepassing wanneer de eigenaar of kapitein handelde met de bedoeling schade te veroorzaken of roekeloos handelde;
- tenzij de eigenaar of de kapitein handelde met de bedoeling om schade te veroorzaken, ofwel roekeloos handelde en in de wetenschap dat er waarschijnlijk schade zou ontstaan, of
- De exploitant neemt alle redelijke maatregelen om ervoor te zorgen dat niemand dusdanig roekeloos of onachtzaam handelt of nalaat te handelen: