Betekenis van:
verdikkingsmiddel

verdikkingsmiddel
Zelfstandig naamwoord
  • middel om te binden

Synoniemen

Hyperoniemen


Voorbeeldzinnen

  1. Doel: Colloïdaal verdikkingsmiddel.
  2. Het wordt met name gebruikt als verdikkingsmiddel, emulgator en stabilisator.
  3. Erytritol fungeert onder andere als smaakversterker, draagstof, bevochtigingsmiddel, stabilisator, verdikkingsmiddel, vulstof en complexvormer.
  4. „vet”: een vast tot halfvast preparaat dat bestaat uit een verdikkingsmiddel in een vloeibaar smeermiddel.
  5. Ook concludeerde zij dat gedeeltelijk gedepolymeriseerde guargom bij gebruik als verdikkingsmiddel, emulgator of stabilisator geen veiligheidsrisico inhoudt.
  6. De EFSA heeft de informatie over de veiligheid van cassiagom als nieuw levensmiddelenadditief (geleer- en verdikkingsmiddel) beoordeeld en op 26 september 2006 [7] advies uitgebracht.
  7. Alle vereisten inzake aquatische toxiciteit gelden dan ook voor de afbraakproducten waarvan wetenschappelijk bewezen is dat ze derivaten van het verdikkingsmiddel zijn, na blootstelling aan het aquatische milieu.
  8. polymerisatieproducten van acrylzuur, alkylmethacrylaat en kleine hoeveelheden andere monomeren, bestemd om te worden gebruikt als verdikkingsmiddel bij de vervaardiging van pasta's voor de textieldruk [11]
  9. verdikkingsmiddel”: een stof in de basisvloeistof die wordt gebruikt om de reologie van een smeervloeistof of vet te verdikken of te wijzigen;
  10. De EFSA heeft de informatie over de veiligheid van het gebruik van cassiagom als nieuw levensmiddelenadditief (geleer- en verdikkingsmiddel) beoordeeld en op 26 september 2006 [11] advies uitgebracht.
  11. Vetten kunnen alleen worden beoordeeld door gegevens te verstrekken over het preparaat en de hoofdbestanddelen als het verdikkingsmiddel volledig biologisch afbreekbaar is (zie criterium 3) of een inherente biologische afbreekbaarheid vertoont die:
  12. Vetten kunnen alleen op deze manier worden beoordeeld als de biologische afbreekbaarheid van het verdikkingsmiddel > 70 % volgens de OESO 302 C-test of gelijkwaardige testmethoden, of als de biologische afbreekbaarheid > 20 % maar < 60 % na 28 dagen volgens de OESO-tests die gebaseerd zijn op zuurstofdepletie of koolstofdioxidevorming.