Vervoeging van nominate


Engels

Nederlands

Present

  • I nominate
  • you nominate
  • he/she/it nominates
  • we nominate
  • you nominate
  • they nominate

Onvoltooid tegenwoordige tijd

  • ik maak
  • jij maakt
  • hij/zij/het maakt
  • wij maken
  • jullie maken
  • zij maken

Simple past

  • I nominated
  • you nominated
  • he/she/it nominated
  • we nominated
  • you nominated
  • they nominated

Onvoltooid verleden tijd

  • ik maakte
  • jij maakte
  • hij/zij/het maakte
  • wij maakten
  • jullie maakten
  • zij maakten

Present perfect

  • I have nominated
  • you have nominated
  • he/she/it has nominated
  • we have nominated
  • you have nominated
  • they have nominated

Voltooid tegenwoordige tijd

  • ik heb gemaakt
  • jij hebt gemaakt
  • hij/zij/het heeft gemaakt
  • wij hebben gemaakt
  • jullie hebben gemaakt
  • zij hebben gemaakt

Past perfect

  • I had nominated
  • you had nominated
  • he/she/it had nominated
  • we had nominated
  • you had nominated
  • they had nominated

Voltooid verleden tijd

  • ik had gemaakt
  • jij had gemaakt
  • hij/zij/het had gemaakt
  • wij hadden gemaakt
  • jullie hadden gemaakt
  • zij hadden gemaakt

Future

  • I will nominate
  • you will nominate
  • he/she/it will nominate
  • we will nominate
  • you will nominate
  • they will nominate

Toekomende tijd I

  • ik zal maken
  • jij zult maken
  • hij/zij/het zal maken
  • wij zullen maken
  • jullie zullen maken
  • zij zullen maken

Future perfect

  • I will have nominated
  • you will have nominated
  • he/she/it will have nominated
  • we will have nominated
  • you will have nominated
  • they will have nominated

Toekomende tijd II

  • ik zal gemaakt hebben
  • jij zult gemaakt hebben
  • hij/zij/het zal gemaakt hebben
  • wij zullen gemaakt hebben
  • jullie zullen gemaakt hebben
  • zij zullen gemaakt hebben

Conditional present

  • I would nominate
  • you would nominate
  • he/she/it would nominate
  • we would nominate
  • you would nominate
  • they would nominate

Conditionalis I

  • ik zou maken
  • jij zou maken
  • hij/zij/het zou maken
  • wij zouden maken
  • jullie zouden maken
  • zij zouden maken

Conditional perfect

  • I would have nominated
  • you would have nominated
  • he/she/it would have nominated
  • we would have nominated
  • you would have nominated
  • they would have nominated

Conditionalis II

  • ik zou hebben gemaakt
  • jij zou hebben gemaakt
  • hij/zij/het zou hebben gemaakt
  • wij zouden hebben gemaakt
  • jullie zouden hebben gemaakt
  • zij zouden hebben gemaakt

Imperative

  • you nominate
  • you nominate

Imperatief

  • jij maak
  • jullie maakt

Verwijzingen

Bekijk 6 definitie(s) van nominate