Vertaling van families

Inhoud:

Engels
Nederlands
families
Gezinnen


Voorbeelden in zinsverband

Engels
Nederlands

Twenty families live here.

Twintig families leven hier.

Four families were killed in the fire.

Vier gezinnen kwamen om in de brand.

Two families live in the same house.

Twee gezinnen leven in hetzelfde huis.

All happy families resemble each other, each unhappy family is unhappy in its own way.

Gelukkige gezinnen lijken alle op elkaar, ieder ongelukkig gezin is ongelukkig op zijn eigen wijze.