Vertaling van wedding

Inhoud:

Engels
Nederlands
wedding, wedding-feast, wedding-party {zn.}
huwelijksfeest
wedding {zn.}
trouwplechtigheid [v]
wedding {zn.}
bruiloftsplechtigheid [v]
marriage, wedding {zn.}
huwelijk 
These endless business trips are telling on his marriage.
Deze eindeloze zakenreizen vertellen veel over zijn huwelijk.
I managed to get permission from my parents for my wedding.
Het is me gelukt om de goedkeuring van mijn ouders te krijgen voor mijn huwelijk.
wedding-party, wedding {zn.}
bruiloft  [v]
trouwpartij [v]
bruiloftsfeest [o]
The royal wedding was a magnificent occasion.
De koninklijke bruiloft was een prachtige gebeurtenis.
The wedding will take place next spring.
De bruiloft zal in het voorjaar plaatsvinden.
marriage, wedding {zn.}
huwelijk 
wedding ceremony, wedding, nuptials {zn.}
bruiloft  [v]
to wed, to marry {ww.}
trouwen 
in de echt verbinden
Will you marry me?
Wil je met me trouwen?
I want to marry you.
Ik wil met je trouwen.
to be married, to get married, to marry, to wed {ww.}
in het huwelijk treden
trouwen 

I am wedding

to marry, to wed {ww.}
in de echt verbinden
trouwen 
uithuwelijken

I am wedding

to be married, to get married, to marry, to wed {ww.}
in het huwelijk treden
trouwen 

I am wedding

to marry, to wed {ww.}
in de echt verbinden
trouwen 
uithuwelijken

I am wedding



Voorbeelden in zinsverband

Engels
Nederlands

Their wedding day went unnoticed.

Hun trouwdag bleef onopgemerkt.

The royal wedding was a magnificent occasion.

De koninklijke bruiloft was een prachtige gebeurtenis.

Today is my parents' wedding anniversary.

Vandaag is de huwelijksdag van mijn ouders.

I managed to get permission from my parents for my wedding.

Het is me gelukt om de goedkeuring van mijn ouders te krijgen voor mijn huwelijk.