Betekenis van:
puntkomma

puntkomma
Zelfstandig naamwoord
  • een leesteken dat twee nauw aan elkaar gerelateerde zinnen tot een geheel verbindt (; )
"Na een puntkomma volgt geen hoofdletter."
puntkomma (de/het ~ | meervoud puntkomma's)
Zelfstandig naamwoord
  • zinnenverbindend leesteken '; '

Synoniemen

Hyperoniemen


Voorbeeldzinnen

  1. De velden worden van elkaar gescheiden door een puntkomma („;”).
  2. De velden worden van elkaar gescheiden door een puntkomma („;”).
  3. In de gegevensrijen worden lege velden aangegeven met een dubbele puntkomma („;;”) in de record of met één enkele puntkomma („;”) aan het einde van de record.
  4. In de gegevensrijen worden lege velden aangegeven met een dubbele puntkomma („;;”) in de record of met één enkele puntkomma („;”) aan het einde van de record.
  5. Indien meer dan één oorzaak wordt aangegeven, moeten de codes van elkaar worden gescheiden door een puntkomma.
  6. Als een „groep” wordt beschouwd ieder deel van de omschrijving van de post, van de rest gescheiden door een puntkomma.
  7. Bij gegevens in tekstformaat mag de puntkomma („;”) niet voorkomen, aangezien die wordt gebruikt om velden van elkaar te scheiden.
  8. Indien het gaat om meer dan één zone, moeten de codes van elkaar worden gescheiden door een puntkomma.
  9. Als een „groep” wordt beschouwd ieder deel van de omschrijving van de post, van de rest gescheiden door een puntkomma.
  10. Als een „groep” wordt beschouwd ieder deel van de omschrijving van de post, van de rest gescheiden door een puntkomma.
  11. De volgende 55 tekens kunnen worden gebruikt: de 26 hoofdletters van A tot en met Z, de cijfers 0 tot en met 9, en de tekens „plus”, „min”, „schuine streep”, „sterretje”, „spatie”, „is gelijk aan”, „groter dan”, „kleiner dan”, „punt”, „komma”, „haakjes openen”, „haakjes sluiten”, „dubbele punt”, „dollar”, „percent”, „aanhalingsteken”, „puntkomma”, „vraagteken” en „ampersand”.
  12. De gegevens moeten voldoen aan de eisen van Richtlijn 2002/3/EG, bijlage I (II), voetnoten b en c. Indien de drie- respectievelijk vijfjaargemiddelden niet konden worden bepaald op basis van een volledige en ononderbroken reeks jaargegevens, moeten alle voor de berekening gebruikte jaren in de uiterst rechtse kolom worden vermeld, waarbij de jaartallen door een puntkomma van elkaar worden gescheiden.
  13. Indien overeengekomen in de bijzondere bepalingen inzake veiligheidscontrole moet de isotopische samenstelling van U en/of Pu worden uitgedrukt in het formaat van een lijst gewichten [cijfer (18,3)], gescheiden door een puntkomma voor het gewicht van U-233, U-234, U-235, U-236, U-238 of Pu-238, Pu-239, Pu-240, Pu-241, Pu-242.
  14. Indien de meetmethode gedurende het betrokken jaar is gewijzigd, dient de lidstaat de codes voor beide methoden in te vullen: eerst de code van de methode die gebruikt is gedurende het grootste deel van het jaar, daarna de tweede code, van elkaar gescheiden door een puntkomma.
  15. De lidstaten moeten de verontreinigende stof(fen) vermelden voor de zone en daarbij gebruikmaken van de codes: „S” voor SO2, „N” voor NO2/NOx, „P” voor PM10, „L” voor lood, „B” voor benzeen, „C” voor koolmonoxide en „O” voor ozon, van elkaar gescheiden door een puntkomma, of „A” indien al deze verontreinigende stoffen relevant zijn voor de zone.