Betekenis van:
speer

speer (de ~ | meervoud speren)
Zelfstandig naamwoord
  • wapen met houten steel en ijzeren punt; metalen pen om vlees op te roosteren
"als een speer"

Synoniemen

Hyperoniemen

speer
Zelfstandig naamwoord
  • een lange stok met een punt eraan, (werd) gebruikt voor de jacht of oorlogvoering
"Ook tegenwoordig worden speren nog gebruikt, speerwerpen wordt als sport nog beoefend."

Voorbeeldzinnen

  1. De top van de speer was gedrenkt in een dodelijk vergif.