Betekenis van:
ooit
ooit
Bijwoord
- op een zeker tijdstip in het verleden
"Ooit was Flevoland de bodem van de zee."
ooit
Bijwoord
- een mogelijk tijdstip in de toekomst
"Zal het ooit vrede worden?"
Voorbeeldzinnen
- Heb je ooit Hokkaido bezocht?
- Ooit wilde ik astrofysicus worden.
- Niemand heeft ooit zoiets gezien.
- Ze hadden elkaar ooit geholpen.
- Ben je ooit in het buitenland geweest?
- Ik heb ooit in een restaurant gewerkt.
- Hoe kan je ooit die taal spreken?
- Ben jij ooit wel eens gearresteerd?
- Heeft u ooit rauwe vis gegeten?
- Ik hoop ooit Egypte te kunnen bezoeken.
- Heb je ooit een ernstige ziekte gehad?
- Hij is knapper dan ooit tevoren!
- Ben jij ooit in India geweest?
- Heeft jouw hond je ooit gebeten?
- Heb je hem ooit zien zwemmen?