Betekenis van:
spreekgestoelte

spreekgestoelte (het ~ | meervoud spreekgestoelten, spreekgestoeltes)
Zelfstandig naamwoord
  • verhoging voor de spreker
"het spreekgestoelte betreden"
"vanaf het spreekgestoelte"

Hyperoniemen


Voorbeeldzinnen

  1. De spreker voert het woord vanaf zijn plaats en richt zich tot de Voorzitter; de Voorzitter kan hem verzoeken vanaf het spreekgestoelte te spreken.