Betekenis van:
wederrechtelijk

wederrechtelijk
Bijvoeglijk naamwoord
  • niet rechtmatig; in strijd met een wet; onrechtmatig
"zich iets wederrechtelijk toe-eigenen"
"wederrechtelijke vrijheidsberoving"

Synoniemen

Hyperoniemen


Voorbeeldzinnen

  1. wederrechtelijk”:
  2. Lijst van communautaire wetgeving vastgesteld overeenkomstig het Euratom-Verdrag waarvan een wederrechtelijk handelen in de zin van artikel 2, onder a, punt ii), van deze richtlijn is:
  3. De lidstaten zorgen ervoor dat de volgende handelingen strafbaar worden gesteld als zij wederrechtelijk en opzettelijk of ten minste uit grove nalatigheid worden begaan:
  4. Lijst van communautaire wetgeving vastgesteld overeenkomstig het EG-Verdrag waarvan schending een wederrechtelijk handelen in de zin van artikel 2, onder a, punt i), van deze richtlijn is
  5. Het product is zo langzamerhand overal bekend en wordt overal gewaardeerd, zoals blijkt uit de steeds talrijker wordende pogingen om het product te imiteren en de benaming wederrechtelijk te gebruiken.
  6. valse, onjuiste of onvolledige verklaringen of documenten worden gebruikt of overgelegd, met als gevolg dat de middelen van de algemene begroting van de Europese Gemeenschappen of van de door of voor de Europese Gemeenschappen beheerde begrotingen wederrechtelijk worden verminderd;
  7. Zij is van mening dat de steun wederrechtelijk was toegekend en onverenigbaar was met de gemeenschappelijke markt krachtens artikel 87, lid 3, onder a) en c), van het EG-Verdrag.
  8. In hetzelfde besluit stelde zij vast dat een aantal andere vermeend wederrechtelijk toegekende steunmaatregelen ofwel geen steun inhielden, ofwel op basis van en in overeenstemming met goedgekeurde steunregelingen waren toegekend.
  9. valse, onjuiste of onvolledige verklaringen of documenten worden gebruikt of overgelegd, met als gevolg dat middelen afkomstig van de algemene begroting van de Europese Gemeenschappen of van de door of voor de Europese Gemeenschappen beheerde begrotingen, wederrechtelijk worden ontvangen of achtergehouden;
  10. Onverminderd het Verdrag inzake strafbare feiten en bepaalde andere handelingen begaan aan boord van luchtvaartuigen (Tokio, 1963), het Verdrag tot bestrijding van het wederrechtelijk in zijn macht brengen van luchtvaartuigen (Den Haag, 1970) en het Verdrag ter bestrijding van wederrechtelijke gedragingen gericht tegen de veiligheid van de burgerluchtvaart (Montreal, 1971), moet deze verordening ook betrekking hebben op beveiligingsmaatregelen aan boord van luchtvaartuigen van communautaire luchtvaartmaatschappijen of tijdens vluchten van communautaire luchtvaartmaatschappijen.