Betekenis van:
Latijn

Latijn (het ~)
Zelfstandig naamwoord
  • taal v.d. Romeinen
"middeleeuws/medisch/modern/vulgair Latijn"
"Grieks en Latijn"

Hyperoniemen

Hyponiemen


Voorbeeldzinnen

  1. Weinig studenten kunnen Latijn lezen.
  2. Latijn is de taal van de toekomst!
  3. Veel Engelse woorden komen uit het Latijn.
  4. Latijn is een taal met sterke flexie.
  5. Het Latijn is een dode taal.
  6. Veel Engelse woorden komen uit het Latijn.
  7. Geen medicijnen zonder Latijn
  8. Ik ben het er niet mee eens dat je Latijn moet leren om Engels beter te begrijpen.
  9. Ik ben geen aanhanger van de theorie dat je Latijn moet leren om Engels beter te begrijpen.
  10. Wat in het Latijn gezegd wordt, klinkt diepgaand
  11. De wetenschappelijke benaming van de soort moet steeds de geslachtsaanduiding (eigennaam) en een specifiek epitheton, in het Latijn, omvatten.