Betekenis van:
nader

nader
Bijvoeglijk naamwoord
  • vanaf geringere afstand of in groter detail uitgevoerd
"Bij nadere inspectie bleek het toch een ongeluk geweest te zijn."

Werkwoord


Voorbeeldzinnen

  1. Het hemd is nader dan de rok
  2. omschrijf deze nader
  3. Vers, niet nader gespecificeerd
  4. Gezouten, niet nader gespecificeerd
  5. mogelijk zonder nader overleg
  6. bodemtrawl (niet nader gespecificeerd)
  7. Bevroren, niet nader gespecificeerd
  8. Nader te beoordelen maatregelen
  9. Gedroogd, niet nader gespecificeerd
  10. Andere (nader te specificeren)
  11. (Nader te bepalen)”
  12. andere (gelieve nader te bepalen):
  13.  Overige [nader aan te geven]
  14. Andere niet nader genoemde diensten
  15. Of andere maatregelen (nader aangeven)