Betekenis van:
buitenkant

buitenkant (de ~ | meervoud buitenkanten)
Zelfstandig naamwoord
  • uitwendige; buitenkant
"aan de buitenkant"
"dat is maar buitenkant"

Synoniemen

Hyperoniemen


Voorbeeldzinnen

  1. Buitenkant
  2. Buitenkant
  3. Buitenkant
  4. Bedieningsorganen aan de buitenkant
  5. Stoelen achteraan aan de buitenkant
  6. Algemene voorschriften inzake merktekens aan de buitenkant
  7. Aangegeven zitplaats: achteraan, aan de buitenkant
  8. A oppervlakte van de buitenkant van de tank in m2.
  9. Aangegeven zitplaats: bestuurder en passagier vooraan, aan de buitenkant
  10. met een buitenkant van kunststof in vellen of van textiel
  11. Aangegeven zitplaats: bestuurder en passagier aan de buitenkant vooraan
  12. de buitenkant geen uitstekende delen of scherpe randen vertoont;
  13. met een buitenkant van leder, van kunstleder of van lakleder
  14. met een buitenkant van kunststof of van textiel
  15. de buitenkant en de accessoires van het voertuig;