Betekenis van:
hoofdschakelaar

hoofdschakelaar (de ~ | meervoud hoofdschakelaars)
Zelfstandig naamwoord
  • belangrijkste schakelaar v.e. net

Hyperoniemen


Voorbeeldzinnen

  1. De hoofdschakelaar staat normaliter in de „bediening ter plaatse”-stand.
  2. het openen en sluiten van de hoofdschakelaar als vereist in de TSI Energie.
  3. De testperiode begint zodra de hoofdschakelaar van het voertuig op aan is gezet.
  4. Als de hoofdschakelaar niet in de bestuurderscabine is aangebracht, mag deze zich niet op een voor onbevoegden vrij toegankelijke plaats bevinden tenzij deze schakelaar kan worden vergrendeld.
  5. Er moet een speciale schakelaar (dat wil zeggen hoofdschakelaar, hendel of klep) zijn die het mogelijk maakt de koppeling met de afstandsbediening te openen of te sluiten.
  6. .8.1 Het centrale bedieningspaneel op de navigatiebrug moet voorzien zijn van een hoofdschakelaar, die twee bedieningsstanden heeft: een „bediening ter plaatse”-stand waarbij alle deuren ter plaatse geopend en na gebruik gesloten kunnen worden zonder dat de deuren automatisch gesloten worden, en een „deuren dicht”-stand waarbij alle deuren die geopend zijn, automatisch worden gesloten.
  7. genereren van informatie/bevelen naar de bestuurdersinterface en zonodig, naar de treininterface, bv. informatie over het openen/sluiten van de luchtventielen, het neerlaten of opzetten van de stroomafnemer, het openen of sluiten van de hoofdschakelaar, plaatsen waar over te schakelen van tractiesysteem A op tractiesysteem B.
  8. .8.1 Het centrale bedieningspaneel op de navigatiebrug moet voorzien zijn van een hoofdschakelaar, die twee bedieningsstanden heeft: een „bediening ter plaatse”-stand waarbij alle deuren ter plaatse geopend en na gebruik gesloten kunnen worden zonder dat de deuren automatisch gesloten worden, en een „deuren dicht”-stand waarbij alle deuren die geopend zijn, automatisch worden gesloten.