Betekenis van:
nuchterheid

nuchterheid (de ~)
Zelfstandig naamwoord
  • zakelijkheid
"in alle nuchterheid"
"de nuchterheid zelve zijn"

Hyperoniemen

nuchterheid (de ~)
Zelfstandig naamwoord
  • het hebben v.e. nuchtere maag

Hyperoniemen

nuchterheid (de ~)
Zelfstandig naamwoord
  • het niet-dronken zijn