Betekenis van:
ontroerd
ontroerd
Bijvoeglijk naamwoord
- een staat waarin een persoon verkeert als iets hem of haar emotioneel geraakt heeft
"De leerling was ontroerd en aangeslagen door wat er vanmiddag in de klas was gebeurd."
Werkwoord
Voorbeeldzinnen
- Ik was erg ontroerd door haar vriendelijkheid.