Betekenis van:
lont

lont (de ~ | meervoud lonten)
Zelfstandig naamwoord
  • ontstekingsdraad v.e. bom
"de lont in het kruit(vat) werpen/gooien/steken"
"de lont uit [een conflict] halen"

Hyperoniemen

Hyponiemen

lont
Zelfstandig naamwoord
  • koord voor het (veilig) aansteken van iets ontplofbaars
"De lont van het rotje was erg kort, maar de jongen stak hem toch aan."

Voorbeeldzinnen

  1. Kaars, lont, lucifer of aansteker
  2. De unieke identificatie wordt om de vijf meter aangebracht op het buitenste omhulsel van het snoer of de lont of op het geëxtrudeerde plastic binnenste omhulsel net onder de buitenlaag van het snoer of de lont.
  3. Daarnaast mogen ondernemingen ook op elke ontsteker of lont een passief, inert elektronisch merk aanbrengen en op elke doos ontstekers of lonten een corresponderend elektronisch merk aanbrengen.
  4. Een aerosol waarvan de inhoud in de vorm van een schuim, mousse, gel of pasta naar buiten komt, wordt op een horlogeglas gespoten (ongeveer 5 gram) en er wordt een ontstekingsbron (kaars, lont, lucifer of aansteker) bij de onderkant van het horlogeglas gehouden om te zien of het schuim, de mousse, gel of pasta ontbrandt en blijft branden.