Betekenis van:
blessed

blessed
Bijvoeglijk naamwoord
  • uiterst gelukkig
  • highly favored or fortunate (as e.g. by divine grace)
"our blessed land"
"the blessed assurance of a steady income"

Synoniemen

Hyperoniemen

blessed
Bijvoeglijk naamwoord
    • characterized by happiness and good fortune
    "a blessed time"
    blessed
    Bijvoeglijk naamwoord
      • expletives used informally as intensifiers
      "not a blessed dime"
      "I'll be damned (or blessed or darned or goddamned) if I'll do any such thing"

      Synoniemen

      blessed
      Bijvoeglijk naamwoord
        • worthy of worship
        blessed
        Bijvoeglijk naamwoord
          • enjoying the bliss of heaven
          blessed
          Bijvoeglijk naamwoord
          • gelukzalig
          • Roman Catholic; proclaimed one of the blessed and thus worthy of veneration

          Synoniemen

          Hyperoniemen

          Werkwoord