Betekenis van:
flute

flute
Zelfstandig naamwoord
  • ingeschaafde sleuf in de kant van een plank, waar de messing van een andere plank insluit
  • a groove or furrow in cloth etc (particularly a shallow concave groove on the shaft of a column)

Synoniemen

Hyperoniemen

flute
Zelfstandig naamwoord
  • houten blaasinstrument
  • a high-pitched woodwind instrument; a slender tube closed at one end with finger holes on one end and an opening near the closed end across which the breath is blown

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

flute
Zelfstandig naamwoord
  • lang glas
  • a tall narrow wineglass

Synoniemen

Hyperoniemen

flute
Zelfstandig naamwoord
  • gradeerwerk
  • a groove or furrow in cloth etc (particularly a shallow concave groove on the shaft of a column)

Synoniemen

Hyperoniemen

flute
Zelfstandig naamwoord
  • cannelure
  • a groove or furrow in cloth etc (particularly a shallow concave groove on the shaft of a column)

Synoniemen

Hyperoniemen

flute
Zelfstandig naamwoord
  • fluitglas
  • a tall narrow wineglass

Synoniemen

Hyperoniemen

to flute
Werkwoord
    • form flutes in

    Hyperoniemen