Betekenis van:
oboe

oboe
Zelfstandig naamwoord
  • hobospeler
  • a slender double-reed instrument; a woodwind with a conical bore and a double-reed mouthpiece

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

oboe
Zelfstandig naamwoord
  • houten blaasinstrument
  • a slender double-reed instrument; a woodwind with a conical bore and a double-reed mouthpiece

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen


Voorbeeldzinnen

  1. I don't play the oboe.