Betekenis van:
slaughter

slaughter
Zelfstandig naamwoord
  • het slachten
  • the killing of animals (as for food)

Hyperoniemen

slaughter
Zelfstandig naamwoord
  • massamoord
  • the savage and excessive killing of many people

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

slaughter
Zelfstandig naamwoord
  • bloedbad, afslachting, hecatombe, moordpartij, slachting
  • the savage and excessive killing of many people

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

slaughter
Zelfstandig naamwoord
    • a sound defeat

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    to slaughter
    Werkwoord
    • opzettelijk mensen doden; iedereen vermoorden; op brute wijze doden; op brute wijze vermoorden
    • kill a large number of people indiscriminately

    Synoniemen

    Hyperoniemen

    to slaughter
    Werkwoord
      • kill (animals) usually for food consumption
      "They slaughtered their only goat to survive the winter"

      Synoniemen

      Hyperoniemen

      Hyponiemen