Betekenis van:
snort

to snort
Werkwoord
  • (van paarden) herhaald, kort afgebroken de adem tussen de lippen door uitstoten
  • inhale recreational drugs
"The addict was snorting cocaine almost every day"

Synoniemen

Hyperoniemen

to snort
Werkwoord
  • bij verkoudheden e.d.; snuiven; hoorbaar ademen
  • inhale recreational drugs
"The addict was snorting cocaine almost every day"

Synoniemen

Hyperoniemen

to snort
Werkwoord
  • heroïne gebruiken
  • inhale through the nose

Synoniemen

Hyperoniemen

to snort
Werkwoord
    • make a snorting sound by exhaling hard
    "The critic snorted contemptuously"

    Hyperoniemen

    to snort
    Werkwoord
      • indicate contempt by breathing noisily and forcefully through the nose
      "she snorted her disapproval of the proposed bridegroom"

      Hyperoniemen

      to snort
      Werkwoord
      • snuiven
      • inhale through the nose

      Synoniemen

      Hyperoniemen

      snort
      Zelfstandig naamwoord
      • het boe roepen
      • a cry or noise made to express displeasure or contempt

      Synoniemen

      Hyperoniemen

      snort
      Zelfstandig naamwoord
      • het voortdurend sissen
      • a cry or noise made to express displeasure or contempt

      Synoniemen

      Hyperoniemen

      snort
      Zelfstandig naamwoord
        • a disrespectful laugh

        Synoniemen

        Hyperoniemen