Betekenis van:
't

't
Persoonlijk voornaamwoord
  • clitische vorm van het onzijdig: het
't
Onbepaald voornaamwoord
  • clitische vorm: het

Voorbeeldzinnen

  1. 't Is een geheim.
  2. 't Is gratis.
  3. 't Is een geheim.
  4. 't Is een saaie dag vandaag.
  5. 't Is het beest in mij dat ernaar verlangt.
  6. Visite brengt steeds vreugde aan; is 't niet bij het komen, dan bij het gaan.
  7. Een ezel stoot zich in 't gemeen geen tweemaal aan dezelfde steen.
  8. De paardenkrachten van een auto helpen niet als 't een ezel is die hem stuurt.
  9. Die gegevens zijn in' t gemeentehuis te vinden.
  10. Het is maar tien graden, en hij loopt in een T-shirt buiten. Ik krijg het al koud als ik naar hem kijk.
  11. Hij verdient het zoete niet, die 't bittere niet heeft gesmaakt
  12. Het Esperanto-alfabet bevat achtentwintig letters: a, b, c, ĉ, d, e, f, g, ĝ, h, ĥ, i, j, ĵ, k, l, m, n, o, p, r, s, ŝ, t, u, ŭ, v, z.
  13. Het Esperanto-alfabet bevat achtentwintig letters: a, b, c, ĉ, d, e, f, g, ĝ, h, ĥ, i, j, ĵ, k, l, m, n, o, p, r, s, ŝ, t, u, ŭ, v, z.
  14. GA = G* × (t-t*)/(T-t*)
  15. CVAM = CVA × (t-t*)/(T-t*)