Betekenis van:
achteruitgang

achteruitgang
Zelfstandig naamwoord
  • uitgang aan de achterzijde.
achteruitgang
Zelfstandig naamwoord
  • het verminderen van de situatie, afname.

Voorbeeldzinnen

  1. achteruitgang van de zuurstofsensor;
  2. waarschijnlijke achteruitgang van de veiligheidsprestatie.
  3. mogelijke achteruitgang van de veiligheidsprestatie;
  4. Ombuiging van de achteruitgang van de biodiversiteit
  5. VERONTRUST door de voortdurende achteruitgang van die hulpbronnen;
  6. Zorgen voor een minimaal onderhoud en achteruitgang van habitats voorkomen
  7. de staat van het luchtframe, de krachtbron en de systemen, rekening houdend met mogelijke achteruitgang.
  8. mariene ecosystemen die zeer vatbaar zijn voor achteruitgang als gevolg van antropogene activiteiten;
  9. Een algemene achteruitgang van de Beierse petrochemische industrie is echter vrij onwaarschijnlijk.
  10. Een aantal indicatoren liet tijdens de betrokken periode een sterke achteruitgang zien.
  11. De vraag blijft aanhouden, hoewel in 2008-2009 een lichte achteruitgang verwacht wordt.
  12. door de onzekere rentabiliteitsvooruitzichten in verband met de voortdurende achteruitgang van de financiële situatie.
  13. vrijwillige rapporten over achteruitgang of verstoring van de luchtvaartnavigatiediensten op luchthavens;
  14. Afname van de vraag als gevolg van de achteruitgang op de staalmarkt
  15. betreffende de bescherming van het grondwater tegen verontreiniging en achteruitgang van de toestand