Betekenis van:
afsluiting

afsluiting
Zelfstandig naamwoord
  • iets afsluiten
"Door de afsluiting kreeg hij geen stroom meer."
afsluiting (de ~ | meervoud afsluitingen)
Zelfstandig naamwoord
  • het een eind maken aan
"ter afsluiting"

Hyperoniemen

afsluiting
Zelfstandig naamwoord
  • beëindiging.
"Het Suikerfeest is de afsluiting van de ramadan."
afsluiting
Zelfstandig naamwoord
  • een voorwerp dat ervoor zorgt dat iets afgesloten wordt
"De afsluiting op de deur werkte niet goed."
afsluiting (de ~ | meervoud afsluitingen)
Zelfstandig naamwoord
  • afsluitend voorwerp

Hyperoniemen

Hyponiemen