Betekenis van:
afwijking

afwijking
Zelfstandig naamwoord
  • het niet goed afgesteld staan en naar een bepaalde kant neigen
"Het stuur had een afwijking naar links."
afwijking
Zelfstandig naamwoord
  • lichamelijk gebrek of het niet volledig bij het verstand zijn
"Een aangeboren afwijking aan de aortaklep."

Voorbeeldzinnen

  1. Gedeeltelijke afwijking
  2. Volledige afwijking
  3. Gedeeltelijke afwijking
  4. Tijdelijke afwijking
  5. Geen afwijking
  6. 2009: volledige afwijking
  7. Relatieve standaard-afwijking
  8. Voorheen afwijking nr. 84.
  9. In afwijking hiervan:
  10. Voor 2010: geen afwijking
  11. Voorheen afwijking nr. 84.
  12. Afwijking van artikel 2
  13. Afwijking voor dierlijke bijproducten
  14. In afwijking hiervan:
  15. Afwijking bij machtiging