Betekenis van:
alpaca
alpaca
Zelfstandig naamwoord
- ''Vicugna pacos''; een kameelachtig dier uit Zuid-Amerika
"In het Discovery Channel-programma Dirty Jobs werd er een uitzending gewijd aan de wol van de alpaca."
alpaca
Bijvoeglijk naamwoord
- gemaakt van de de metaallegering alpaca
"Ik heb thuis een set van alpaca kopjes staan."
Voorbeeldzinnen
- alpaca, lama, kameel, kasjmier, mohair, angora, vigogne, jak, guanaco, cashgora, bever, otter, al dan niet gevolgd door de benaming „wol” of „haar” [1]
- Haar van de volgende dieren: alpaca, lama, kameel, kasjmiergeit, angorageit, angorakonijn, vigogne, jak, guanaco, cashgorageit (kruising van de kasjmiergeit en de angorageit), bever, otter