Betekenis van:
baldadig

baldadig
Bijvoeglijk naamwoord
  • brooddronken
"een baldadige stemming"
"baldadige jongens/jongeren"

Hyperoniemen

baldadig
Bijvoeglijk naamwoord
  • wild, uitgelaten
"Je hebt je handen zeker vol aan dat baldadige kind, of niet?"