Betekenis van:
bonus

bonus (de ~ | meervoud bonussen)
Zelfstandig naamwoord
  • uitkering van bijzondere aard
"een bonus krijgen"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

bonus
Zelfstandig naamwoord
  • een extraatje, meestal als beloning
"Hij kreeg een bonus bij zijn salaris."

Voorbeeldzinnen

  1. Doelstellingen van BONUS
  2. Tenuitvoerlegging van BONUS
  3. Een discriminerende bonus die uitvoerbeperking tot doel had
  4. Overeenkomsten tussen de Unie en het BONUS-EESV
  5. De strategische fase van BONUS duurt maximaal 18 maanden.
  6. Wanneer een significante bonus wordt toegekend, moet het grootste deel van de bonus gedurende een minimale wachtperiode worden uitgesteld.
  7. Het BONUS-EESV is verantwoordelijk voor het correcte gebruik van de BONUS-financiering door de begunstigden, dat wordt vastgesteld op basis van onafhankelijke financiële controles van de projecten die door of in opdracht van het BONUS-EESV worden uitgevoerd.
  8. het verzekeren van financiering door de deelnemende staten die na afloop van BONUS het voortbestaan van BONUS zonder uniale steun kan garanderen;
  9. Het BONUS-EESV is niet alleen belast met het beheer van BONUS zoals vastgesteld in punt 3.1 en 3.2, maar ook met de volgende taken:
  10. Denemarken, Duitsland, Estland, Letland, Litouwen, Polen, Finland en Zweden („de deelnemende staten”) zijn overeengekomen samen het gemeenschappelijk onderzoeks- en ontwikkelingsprogramma voor de Oostzee BONUS („BONUS”) op te zetten.
  11. De gezamenlijke tenuitvoerlegging van BONUS vereist een specifieke uitvoeringsstructuur, zoals bepaald bij Beschikking 2006/971/EG.
  12. De raad draagt ook bij aan het gebruik en de verspreiding van de resultaten van BONUS.
  13. het uitwerken van een structuur voor de financiering van BONUS-projecten;
  14. Daarom zal in het kader van BONUS werk gemaakt worden van het volgende:
  15. Het BONUS-EESV dient de ontvanger van de financiële bijdrage van de Unie te zijn.