Betekenis van:
dankzegging

dankzegging
Zelfstandig naamwoord
  • een dankbetuiging
"Hij deed een dankzegging als dank voor de gastvrijheid."
dankzegging (de ~ | meervoud dankzeggingen)
Zelfstandig naamwoord
  • uiting van dank
"een dankzegging voor [bewezen diensten]"
"onder/met dankzegging [voor bewezen diensten]"

Synoniemen

Hyperoniemen