Betekenis van:
fluor
fluor
Zelfstandig naamwoord
- een chemisch element en een geelgroen halogeen
"Is fluor ook fluoreserend?"
Voorbeeldzinnen
- Fluor
- fluor; broom
- Fluor [4]
- Fluor en fluorverbindingen
- minstens 60 gewichtspercenten fluor.
- 2-fluor-4-hydroxybenzonitril
- 4-fluor-3-trifluormethylfenol
- 2-fluor-6-trifluormethylpyridine
- 2-Fluor-6-(trifluormethyl)pyridine
- Punt 3, „Fluor”, wordt als volgt gewijzigd:
- Fluor-, broom- en joodderivaten van acyclische koolwaterstoffen
- fluor-, broom- en joodderivaten van acyclische koolwaterstoffen
- Maximaal 10 mg/kg (als fluor)
- benzyl-(3-fluor-4-morfolinofenyl)carbamaat
- mononatrium-3-cyaan-5-fluor-6-hydroxypyridine-2-olaat